woensdag 28 april 2010

Salta(Arg.)-Arica(Chili)

Vanuit Salta (op 1200m) gaan we een hoogtetest doen.
Via de "ruta de la cornisa"(kloof), een smalle, kronkelige weg door een nevelwoud, dat toen we er door reden zijn naam alle eer aandeed. Ongeloofelijk wat een contrast met de omgeving die droog is en hoofdzakelijk met cactussen begroeid.
Langs Jujuy door de "quebrada de Humahuaca".
Hier komen we in een heel ander Argentini├ź, dit lijkt meer en meer op het "echte" Zuid-America, dat van de indianen. Prachtige landschappen in onwaarschijnlijke kleuren.

Tot in Tilcara(vallende ster in het Quechua) op 2500m hoogte, een leuk dorpje waar we de "Pucara", een heropgebouwde vestiging uit de tijd van de Inca's bezichtigen.

Als we s'avonds bij een kraampje iets gaan eten, zitten daar ook Niels en Eliena, die we eerder in Misiones ontmoeten. Tussen pot en pint praten we bij. Ze hebben pech want mogen met de Argentijnse Renault Kangoo, waarmee ze hier rondreizen, het land niet uit.

Op de camping tot een kot in de nacht lawaai, (t'is weekend)en s'morgens om 6uur een fanfare van trommels en panfluiten. dit blijkt een "Mariaprocessie "te zijn die van hieruit 40km naar een volgend dorp en terug stapt. wij houden onze "beeweg" korter en klimmen naar de "gargante del diablo" amper 8km op en af naar een kloof met waterval. We willen nog hoger en willen ook de vogels en vooral de flamingo's gaan bekijken aan de "Laguna de los Pozuelos"(op bijna 4000m). Hiervoor moeten we meer dan 50km piste "aftsjokken". We rijden mis en bij het terugkeren naar de juiste baan schuren we met de achterbumper over de bedding van een droogliggende beek. Resultaat, alle behalve 2 vijzen zijn doorgescheurd. We weten weer wat doen. Als we bij het leegstaand huis van de guardaparque aankomen zetten we ons onmiddelijk aan de reparatie. Alles verloopt vlot, dus hebben we ons avondmaaltje verdiend, dit is echter niet gerekend op het onverwachte bezoek. Een plaatselijke autostopper, die we al uren zien staan, iets verderop langs de weg, komt aankloppen. Hij kan nergens heen en zijn dorp is nog meer dan 50km verderop.De nachten zijn hier ijskoud, nu net onder het vriespunt, in de winter tot -25gr. Barmhartig als we zijn delen we ons avondmaal en ons onderkomen. Haast geen slaap, en hoe verder de nacht vorderd hoe erger de misselijkmakende hoogteziekte-hoofdpijn. nog een geluk dat op ons hoofd geen dekseltje zit zoals op dit potje, want het drukverschil is echt wel merkbaar. Bij de minste inspanning ben je buiten adem. s'Morgens na een licht ontbijt gaat het met ons een stuk beter. Onze logee wil van onze goedheid niet profiteren en wil geen ontbijt aannemen en verdwijnt in alle stilte in de dichte mist. Niets te zien, de meest ellendige nacht sinds onze heugnis, we zijn hier weg, zwaaien nog is naar onze logee in het voorbijrijden en tsjokken de 50km terug naar het asfalt en dan verder terug naar de campng in Tilcara. Voor een goede nachtrust, en dat lukt nog ook.

Als na 1 nachtje de hoogteziekte over is, voelen we ons klaar voor het grote werk. Op naar Chili via de "Paso da Jama". Door de voor deze streek kenmerkende zoutvlakten. En zoals je ziet kan je met zout meer kan doen dan enkel op de patatten.

Met een tussenstop in Susques op 3700m over deze haast 5000m hoge en meer dan 400km lange bergpas.

Aan de overkant na een serieuze afdaling zijn we in Chili, en overnachten in San Pedro de Atacama (2500m). Een leuk maar toeristisch grensstadje aan de rand van de gelijknamige woestijn. Hier komen ook de "Dakar"-racers zich tegenwoordig uitleven.

In Calama dachten we te stoppen, maar zowel het uitzicht als de campingprijs bevallen ons niet en dus rijden we verder. Hier in dit onwezelijk maan-, mijn-, woestijnlandschap moet je echter niet te moeilijk zijn in je keuze, want die is er gewoonweg niet. We rijden dan maar een stofwegje in, rijden haast vast in het zand en slapen temidden van niets. En zo belanden we toch nog een stukje op de Pan-Americana.

Deze gaat hier door een enorm lelijk landschap. het lijkt wel of een woedende reus die iets verloren heeft, het volledige landschap heeft omgespit. Een tweevaksbaan met elektriciteits- en pijpleidingen naast, geen teken van leven. De verlaten en een enkel nog open salpeterwinningen maken het enkel nog afzichtelijker. Niet echt een panorama om "happy" van te worden.

In Pozo Almonte bezoeken we zo een salpeter en iodium winning, "oficina Humberstone", die sinds de jaren 60 gesloten is. Interesant , zo'n recente geschiedenis aan den lijve mee te maken. Met de nodige fantasie worden de overgebleven machines en gebouwen met het nodige leven aangevuld.



In Arica zien we de oceaan nog is terug, dit is de meest noordelijke grens- en kuststad van Chili.

Langs de weg hiernaartoe hebben niet enkel de mensen uit lang vervlogen tijd hun kunstwerken achtergelaten.


De volgende stap is over de peruviaanse grens.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen